Blog

< Terug naar Blog

‘Dat lust ik niet’

Een van de meest herkenbare uitspraken voor elke ouder ‘Dat lust ik niet’. Daar zit je dan met een ontevreden kind en zelf volledig gefrustreerd omdat het weer niet gezellig is aan tafel. Hoe fijn zou het zijn als de kinderen gewoon eten wat de pot schaft…
Een illusie? Dat hoeft niet probeer de volgende tips eens toe te passen voor een aantal weken en ga na of de tafelmomenten gezelliger worden.

Bied geen alternatief aan.
Op het moment dat het kind geen ander eten krijgt dan hetgeen jij als ouder hebt klaargemaakt krijgt het vanzelf honger. Wellicht ben je bang dat het kind dan voedingsstoffen te kort komt, maak je daar vooral niet druk over. Je kind krijgt vanzelf honger en zal op een gegeven moment, misschien pas na een paar dagen alsnog toehappen. Wees hier consequent in.

Om terug te komen op het tekort aan voedingstoffen is het belangrijk om te begrijpen hoe het menselijk lichaam werkt. Natuurlijk hebben we elke dag onze vitaminen en mineralen nodig maar het lichaam slaat ook veel vitaminen en mineralen op als ‘reserve’. In tijden van tekorten worden deze voorraden aangesproken. We zijn zo geprogrammeerd vanuit de natuur omdat er door de eeuwen heen regelmatig voedseltekorten hebben plaatsgevonden. Ook in deze periodes van schaarste overleefden we. Hou dus voet bij stuk en bied het kind niets anders aan.

Betrek je kind bij de boodschappen.
Heel veel kinderen vinden het fijn als ze iets kunnen leren en als ze kunnen helpen. Ouders zijn vaak geneigd om zelf de boodschappen ‘even gauw’ te doen en tijdens het koken moeten de kinderen zichzelf maar even vermaken. Door ons drukke leven is eten, boodschappen doen en koken een bijzaak geworden. En dat terwijl voeding onze primaire levensbehoefte is.

Ga aan tafel zitten met je kind en vraag welke groente hij allemaal WEL lust. Bedenk samen gerechten voor de komende dagen. Deel de ingrediënten die bij de gerechten horen met je kind. Als het kind al kan schrijven laat hem dan het boodschappenlijstje maken. Ga samen naar de supermarkt en maak er een heuse safari van, waarbij het kind opzoek mag naar alle nodige ingrediënten. Je zal zien dat het kind, door de inspanning die hij nu geleverd heeft voor het eten, met veel meer genot en plezier het eten op zal eten.

Blijf aanbieden maar voorkom pushen.
Uit onderzoek is gebleken dat een kind vaak tot 15 keer een voedingsmiddel aangereikt moet krijgen voor het toehapt. Vanuit de natuur heeft het kind meegekregen waakzaam te zijn voor nieuwe smaken. Het is een natuurlijke reactie omdat het kind zeker wil weten dat het eten niet toevallig giftige stoffen bevat. Uiteraard schotelen wij onze kinderen geen giftige middelen voor maar dat weet het kind vanuit zijn natuur niet.
Blijkt na vele malen dat een kind een bepaald product niet lust dan kan dat smaakbepalend zijn. Heel veel kinderen lusten naar mate ze ouder worden steeds meer. Hoe jonger, hoe puurder hun smaakpapillen zijn en hoe intenser zij alles proeven.

Dus lieve ouders geeft niet zomaar op, betrek je kind bij de boodschappen en het koken en wees consequent.